Maak gebruik van al het moois dat internet te bieden heeft
Headline Interactive (daar werk ik) heeft de website gebouwd rondom het televisieprogramma Roes. Nou ja, gebouwd is misschien het verkeerde woord. De website is samengesteld uit een viertal beschikbare applicaties. Het is dus eigenlijk een mash-app ;-)
Roes is een serie over drank- en drugsmisbruik door jongeren, die wordt uitgezonden door de VPRO. Het doel was om op de website een platform te bieden waar jongeren feitelijke informatie kunnen vinden, maar ook hun eigen verhaal kwijt kunnen. En dat op zoveel mogelijk manieren.
Om er geen tonnenproject van te maken ben ik gaan grasduinen bij de Publieke Omroep, om te zien hoe bestaande applicaties konden worden ingezet om dit doel te bereiken, en dan liefst wel zoveel mogelijk vormgegeven in de stijl van de website.
Resultaat:
- Jongeren kunnen in een forum met elkaar ervaringen uitwisselen over gebruik van drank en verdovende middelen. Vernieuwend? Nee, maar volgens het Trimbos-instituut was er nog nergens zo’n plek waar dat tweerichtingsverkeer bestond. Dit forum is een geskinde versie van React, dat niet alleen voor alle omroepen beschikbaar is, maar ook door bijvoorbeeld Tweakers.net wordt ingezet.
- In een eigen versie van de voor kinderen ontwikkelde Z@ppmixer kan de bezoeker zelf in beeld en geluid een videoverhaal monteren, eventueel gebruik makend van stockmateriaal.
- De website zelf is geprogrammeerd op het Open Source MVC Framework.
- Op 11 maart wordt er na de uitzending om 21.30 uur via een eigen kanaal op een videochat gehouden met twee acteurs uit de serie. Deze beta-applicatie is erg smooth te integreren in je eigen website.
Als je het ziet, lijkt het heel normaal, gewend als je bent aan alle mogelijkheden van internet. Maar het is toch goed om even stil te staan bij het feit dat je tegenwoordig zoveel geavanceerde technieken in zo’n korte tijd in een website live kan brengen.
Het nieuwe werven: pure evangelisatie
Ik zoek voor ons bedrijf een PHP-programmeur. En uiteraard niet zo maar een programmeur, maar een goeie. Een enthousiaste, ambitieuze, intiatiefrijke, sociale en werklustige programmeur. De beste zeg maar. Maar ik ga niet het hele rijtje technische eisen opnoemen, want dat heeft op de huidige banenmarkt geen zin. De werknemer bepaalt namelijk zelf waar hij gaat werken. En daarvoor is een andere manier van werven nodig.
Op haar weblog beschrijft Penelope Trunk haar vijf favoriete manieren om mensen te werven zonder te focussen op de vacature zelf.
1. Vertel de mensen wat hun volgende stap zal zijn na jouw bedrijf
Tegenwoordig zijn er weinig mensen in de internetbusiness die langer dan 2-3 jaar ergens werken. Zorg dat ze zien dat een functie bij jouw bedrijf een springplank is naar nog iets beters daarna.
2. Poets de manager op die direct leiding gaat geven aan de nieuwe collega
Een van de belangrijkste onderdelen van een baan is voor wie je moet werken. In plaats van de eisenlijst voor de kandidaat (het welbekende schaap met de vijf poten), publiceer je een lijst met de droombehandeling die je krijgt van de manager.
3. Zorg dat je in een goed blaadje komt bij de recruiters.
Steeds vaker zijn de zogenaamde jobhoppers loyaler aan hun recruiter, die hun op een steeds betere plek neerzet, dan aan de tijdelijke baas.
4. Adverteer in niche-communities.
Stel misschien zelfs als functie-eis, dat de developer een belangrijke rol in diezelfde community moet gaan spelen.
5. Maak gebruik van social media.
Tja, die laatste had ik zelf kunnen bedenken. Sterker nog, ik had het bedacht. Maar toen ik op Twitter riep dat ik een programmeur zocht, was de enige reactie dat Thomas van Maaren er ook eentje zocht. En een blik op Hyves leerde dat John Kivit in hetzelfde water aan het vissen was.
Ik heb wel hier en daar wat gesprekken gevoerd, maar wie geeft mij de gouden tip. En dat mag een tip zijn voor een programmeur, maar natuurlijk vooral ook de duistere hoeken waar ik moet zoeken en de beste oneliners om mijzelf als een leuke baas neer te zetten. En ik heb genoeg zelfkennis om te weten dat ik daarvoor niet heel veel hoef op te poetsen. Ugh.
