Het is de zorg een zorg

Zorg 2.0 is onder internetprofessionals al bijna een stoffige term, maar in de zorgsector zijn er slechts enkelen die het belang van een patiëntgerichte tweeweg-communicatie inzien. Vorige week publiceerde de artsenfederatie KNMG een Handreiking voor het gebruik van Social Media door artsen’, een voorzet voor een socialmedia-beleid dat zorginstellingen kunnen instellen. De KNMG maakt zich sinds de oprichting in 1849 sterk voor de kwaliteit van de beroepsuitoefening van artsen, en het is dus prachtig om te zien dat het gebruik van sociale media nu ook wordt bijgevoegd in het rijtje Meldcode Kindermishandeling, Steun en Consultatie bij Euthanasie en Beroepsgeheim&Politie/Justitie.

Maar is de zorgsector al zover? Ik vraag het me af. Natuurlijk zijn er mensen als Lucien Engelen en instellingen als het Radboud Ziekenhuis, die er alles aan doen om de patiënt centraal te stellen en de bewezen technieken van social media toepassen in de dagelijkse praktijk. Maar net zo vaak kom je het tegenovergestelde tegen. In de tweets van Lucien verbaast hij zich er vrijwel dagelijks over. Zelf heb ik in gesprekken met een aantal specialisten van diverse ziekenhuizen ook gemerkt dat er meer krachten spelen dan alleen de wens om klantgericht te opereren (om het maar eens plastich te benoemen:)

Twee voorbeelden om dit te illustreren:

  1. Op mijn vraag of het niet een mooie geste zou zijn om patiënten de mogelijkheid te bieden per e-mail contact te zoeken met zijn specialist, was het antwoord: ‘Nee joh, dan zit ik de hele dag te e-mailen’. Dat eventueel de acht telefonistes die nu vragen van patiënten beantwoorden en soms op briefjes (papier!) aan hem doorspelen, dit ook voor een deel voor hun rekening zouden kunnen nemen, kwam niet in hem op. Een andere specialist zei dat-ie dat alleen toestond voor ‘CEO’s en dergelijke die veel op reis zijn, en even mail-contact willen vanuit de USA.’
  2. Een voorstel om de voorlichting die nu in zaaltjes in het ziekenhuis aan een beperkt aantal geïnteresseerden wordt gegeven (ook) online te brengen, bijvoorbeeld met een videostream en interactiemogelijkheden voor de kijker, werd op zich goed ontvangen. Het potentiële bereik is groter, de deelname laagdrempeliger. Waarom de neuroloog in kwestie het toch niet zou doen, was de mores van de orde van neurologen. Wie was híj om te denken dat hij online een beetje goede sier kon maken met de specialistische kennis van het vakgebied. Iedereen weet dat er maar één de beste neuroloog was, en dat was hij in ieder geval niet.

Angst voor het onbekende, angst voor de vakgenoten, en de onzekere factor van de patiënt die opeens wel heel dichtbij komt als ze terug kunnen praten, lijken op dit moment hogere drempels dan we als voorvechters van Zorg 2.0 kunnen overzien. Dan is een handreiking van de KNMG een goed begin, maar bij nadere inspectie is het de volle 19 pagina’s een vertaling naar Twitter van de gedragscode die artsen offline sowieso al hanteren.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s